Help, een producer

Goed; we hebben onszelf weer eens een paar dagen opgesloten in een huisje op de Veluwe. Een huisje op de Veluwe, een huisje aan het strand, een blokhut in de modder in Friesland; god, wat hebben we al veel huisjes gezien. In no time schreven we weer twaalf nieuwe nummers. Geef ons een paar dagen rust, een gitaar en een ronduit onbeschofte hoeveelheid wijn en we schrijven een album. Om inspiratie zitten we nooit verlegen. Ik hoef de radio maar aan te zetten of het raam open te doen om weer over te lopen van de ideeën. Daar heeft het nooit aan gelegen en dat doet het nu ook niet. Dat is de basis van alles wat we samen doen. Als wij met zijn tweeën bij elkaar gaan zitten dan komt er altijd wel iets uit. Als het zou moeten schreven we twee albums per jaar, maar dat schijnt not done te zijn.

Bij onze eerste vier albums is de procedure nooit veranderd: we schrijven alle liedjes zelf; ieder voor zich bedenkt thuis tot in detail hoe ze moeten gaan klinken en vervolgens zetten we alles in een dag of drie spontaan op de plaat. Met zo weinig mogelijk muzikanten liefst. Alleen op die manier lukt dat in zo’n beperkte tijd. Dat gaat altijd goed en dat kunstje zouden we tot ons tachtigste kunnen herhalen.

Echter, we gaan het nu heel anders doen. We gaan ons lot dit keer in handen leggen van een producer.

Eigenlijk weet ik nauwelijks wat een producer precies doet. Denkt hij mee? Gaat hij ons een bepaalde richting op sturen? Schrijft hij mee aan de nummers? Hoe groot is de inbreng van zo iemand? Blijft het wel onze muziek? Hoe groot is het stempel dat zo iemand gaat drukken?

Vragen genoeg, maar als je het doet, moet je het ook goed doen. Wij hebben Mario Goossens (Triggerfinger) bereid gevonden deze rol op zich te nemen. (Zei hij niet zonder trots). We kiezen bewust voor iemand die niet zo in de traditionele blueshoek zit, om zijn inbreng extra interessant te maken. Bij de kennismaking hebben we al geconstateerd dat we elkaar aardig vinden en genoeg met elkaar gemeen hebben om over muziek te praten. Of dat ook goede muziek op gaat leveren durf ik eerlijk gezegd nog niet te zeggen.

Wat ik wél weet: als je middenin het schrijfproces zit weet je na verloop van tijd vaak niet meer of iets goed is of niet. Je hebt de nummers al op zoveel manieren omgegooid dat je niet meer weet wat de beste keus is. Vaak kan ik pas jaren later van mijn eigen nummers zeggen of ze geslaagd zijn of niet. Dan pas is er genoeg afstand. Het objectief beoordelen van je eigen werk vergt nu eenmaal tijd. Zoals elke goede schrijver een goede redacteur nodig heeft, lijkt het mij ook muzikaal gezien fijn om iemand met verstand van zaken te hebben die meedenkt.

Daarbij: als je een kans krijgt om met iemand te werken met zo’n staat van dienst dan ben je gek als je die niet pakt. Zelfs als de muziek helemaal niks wordt is het ongetwijfeld een bijzonder leerzame ervaring. Zien we eventueel over een paar jaar wel of het wat is. Dus Mario, ga je gang. Je bent van harte welkom. Laten we er iets moois van maken.

Micha Sprenger